Sranantongo

Cultuur in slavernij
anno
17e-21e eeuw

Opstand in Suriname

In 1679 is er oorlog in Suriname. De inheemse bevolking valt de Nederlandse kolonisten aan, omdat ze de Nederlanders willen verdrijven uit het land. De kolonie is dan nog maar dertig jaar oud. Heel veel tot slaaf gemaakten vluchten tijdens de chaos het bos in. Sommige slaven sluiten zich aan bij de inheemse opstandelingen. Ze gaan af en toe terug naar de plantage om de slaven die daar nog zijn vanuit het bos toe te roepen dat ze bij hen moeten komen, omdat het daar beter is. Ze roepen dat ze goed eten hebben en niet hoeven te werken. Maar hoe kunnen de Afrikanen, die uit allerlei delen van Afrika komen, elkaar eigenlijk verstaan?

Welke taal spreken de slaven?

Gerda Havertong_dicteeGerda Havertong leest ‘Het Grote Sranantongo Dictee’ voor bij het NiNsee in 2011

De taal die in Suriname naast Nederlands het meest wordt gesproken, is het Sranantongo. Het is een taal die is ontstaan uit allerlei andere talen: een mengtaal. Net als het Papiaments, de taal die de mensen op Aruba, Bonaire en Curaçao spreken. Vroeger werd het Sranan ook wel Taki Taki of Neger-Engels genoemd. Dat vinden we tegenwoordig niet respectvol. Sranantongo is ontstaan tijdens de periode van de trans-Atlantische slavenhandel.

 

Waarom komen de slaven uit verschillende delen van Afrika?

Slavenhandelaren uit Nederland varen met hun schepen naar de handelsplaatsen van Afrika. Maar zij zijn niet de enigen: uit andere landen, zoals Engeland en Frankrijk, komen er ook mensen om Afrikanen te kopen. Er is dus veel concurrentie aan de Afrikaanse kust. En hoe meer concurrentie, hoe duurder de Afrikaanse gevangenen. Een deel van de schepen vaart daarom een stuk verder, naar het zuiden. Zo komt het dat een deel van de Afrikanen in Suriname uit het noordwesten van Afrika komt, uit landen zoals Ghana, en een ander deel uit een veel zuidelijker gebied, zoals Angola. Ghana en Angola zijn zeker niet de enige landen waar Nederlanders Afrikanen kopen, maar het zijn wel belangrijke gebieden voor de Nederlandse slavenhandel.

afrika
De slaven komen uit verschillende gebieden in Afrika.

Op een slavenschip zitten mensen uit een gebied natuurlijk nog wel bij elkaar en kunnen ze elkaar dus verstaan, maar eenmaal in Suriname is dat meestal snel afgelopen. Plantage-eigenaren kunnen meestal niet een heel schip leegkopen. Daarom komen mensen die uit hetzelfde gebied afkomstig zijn, in Suriname op verschillende plantages terecht. Daar wonen en werken ze tussen slaven uit andere gebieden en met andere talen. Sommigen kunnen elkaar wel een beetje begrijpen, maar anderen helemaal niet. Daardoor ontstaat er een mengtaal.

Waarom zit er zoveel Engels in het Sranantongo?

Suriname wordt gesticht door Engelsen

De mengtaal die ontstaat heeft woorden uit verschillende talen, maar de basistaal is Engels. Dat komt doordat de kolonie Suriname in 1651 gesticht wordt door Engelsen. Zij komen van het Caribische eiland Barbados. Hier hebben de Engelsen al veel suikerplantages, maar het eiland is klein. Daarom gaan ze op zoek naar meer land. Ze vestigen zich uiteindelijk bij de Surinamerivier.

clip srananSranangtongo leeft nog steeds. Er zijn veel liedjes in het Surinaams en niet alleen traditionele volksliederen, maar ook gewoon onder jongeren met hits van nu. Hier een clip van de Surinaamse urban artiesten Jo Ann en Philla in het Sranantongo.Ook hier zie je veel Engelse invloeden terugkomen. Bron: You Tube

In 1667 veroveren de Nederlanders de kolonie. Een deel van de Engelse planters die er wonen, verhuist naar andere Engelse kolonies, zoals Jamaica. Een groot deel blijft in Suriname wonen, want het is duur om te verhuizen. Een goed lopende suikerplantage verlaten om ergens anders opnieuw te beginnen kost veel geld en het duurt jaren voordat een nieuwe plantage tot bloei komt. De Engelse planters die blijven, kunnen het alleen niet goed vinden met het Nederlandse bestuur. Uiteindelijk vertrekken de meeste Engelsen in 1675 alsnog uit Suriname naar Jamaica.

Quizvraag

Deze vragen zijn verstopt in de site! Vind ze allemaal!
Sleep om te ontsleutelen

Hoe begint de taal te ontstaan?

veldwerkSlaven aan het werk in het veld.

In de 25 jaar dat de Engelsen in Suriname zitten, wordt de basis gelegd voor het Sranantongo. Juist in die tijd is er veel contact tussen de kolonisten en de Afrikaanse tot slaaf gemaakten, omdat de plantagehouders zowel Afrikaanse slaven als Engelse contractarbeiders als werkers gebruiken. Contractarbeiders zijn Engelsen die in Engeland een afspraak gemaakt hebben om een paar jaar op een plantage te werken. Dit is geen slavernij: na een paar jaar is het contract afgelopen en mogen de contractarbeiders zelf een plantage beginnen.

In het begin van de kolonie Suriname zijn er waarschijnlijk daarom relatief veel blanken: zo’n dertig procent van de bevolking. En omdat ze samen werken, is er veel contact tussen de Engels sprekende bevolking en de Afrikaanse bevolking. Als de Afrikanen op een plantage terecht komen, proberen ze elkaar natuurlijk te verstaan. Ze moeten elkaar allemaal proberen te begrijpen. Zo ontstaat al snel het Sranantongo. De taal heeft een eenvoudige basis. Als je elkaar niet begrijpt, probeer je dingen immers zo simpel mogelijk te vertellen.

Natuurlijk is het Engels niet de enige taal die in het Sranantongo voorkomt. In de kolonie wonen mensen uit verschillende landen samen. Er zijn niet alleen Afrikanen met allerlei verschillende talen. Al tijdens de Engelse periode wonen er ook Joodse planters, die vooral Portugees spreken. Later komen er ook Nederlanders bij. Al die talen hebben invloed op het Sranantongo.

Wanneer wordt het de taal van de slaven?

Als de Nederlanders de kolonie net hebben veroverd, gebruiken zij ook witte arbeiders. Het zijn vakmensen die bijvoorbeeld tonnen maken voor de suiker en huizen timmeren. Heel snel leren de Afrikanen deze ambachten op de Europese manier uit te voeren. Dan zijn Nederlandse ambachtslieden niet meer nodig. Dat komt de Nederlanders goed uit. De Nederlandse ambachtslieden zijn namelijk duur. Het jaarloon van een ambachtsman is even hoog of soms wel hoger dan de prijs van een Afrikaanse slaaf. Voor een slaaf hoef je maar één keer te betalen. Dat is een stuk voordeliger.

Planters gaan dus steeds minder Europeanen gebruiken. Dat betekent dat de Afrikaanse slavenbevolking steeds groter wordt en de Europese relatief kleiner. In de achttiende eeuw is nog maar vijf procent van de bevolking vrij. Er zijn wel Europeanen, maar zij komen vaak maar voor korte tijd naar de kolonie en leren het Sranantongo daardoor niet altijd goed spreken. De taal wordt zo de taal van de tot slaaf gemaakte bevolking.

Slaven passen de taal aan, zodat de slavenhouder hen zeker niet begrijpt. Er onstaat een gezamelijke cultuur.

Soms passen de slaven de taal expres nog wat aan, zodat de plantagehouder hen zeker niet zal begrijpen. Daardoor ontstaat er ook een gezamenlijke cultuur van de tot slaaf gemaakten van verschillende Afrikaanse stammen, die onderling veel contact hebben, met elementen uit al hun verschillende Afrikaanse culturen. Ook ontwikkelen de Afrikaanse slaven eigen godsdiensten en eigen muziek. Vaak zingen ze liederen van protest tegen hun onderdrukking. De witte onderdrukker kan de betekenis ervan niet begrijpen.

Hoe klinkt het vroegste Sranantongo?

In 1718 plaatst een Nederlander in zijn boek over Suriname een lijstje met enkele woorden uit het Sranan. Dat is de oudste lijst van Sranan die ons tegenwoordig bekend is. Het begint zo:

Oudy                                                  Goedendag.
Oe fasje jou tem?                             Hoe vaarje al?
My bon.                                              Al wel.
Jou bon toe?                                     Vaarje ook wel?
Ay                                                       Ja.
My belle wel.                                     Ik vaar heel wel.
Jou wantje sie don pinkinine?       Wilje een beetje zitten gaan?
Jie no draei?                                      Hebje geen dorst?
Ay mie wanto drinkje                       Ja my lust wel drinken.

Welke rol speelt taal in het verzet tegen de slavernij?

51_stedman haak
Gruwelijk gestrafte slaaf op een prent uit het boek “Reize naar Surinamen” van J.G. Stedman (1799-1800)

Voor het ontstaan van verzet is een gemeenschappelijke taal heel belangrijk. De tot slaaf gemaakten hebben een taal nodig om plannen te kunnen maken als ze gezamenlijk in verzet willen komen. Ze moedigen elkaar hierin aan en helpen elkaar. Verzet is niet altijd gewelddadig. Je kan bijvoorbeeld op een plantage langzamer gaan werken, of het werk minder goed uitvoeren. Dat is al gevaarlijk, want als de plantagehouder erachter komt, krijg je zware straf. Een andere manier van verzet is het wegvluchten van de plantage. Ook dit is erg gevaarlijk. Als je weer gevangen wordt, kun je een nog zwaardere straf verwachten. Opstand is nog riskanter, want daarop staat de doodstraf.

Marrons (gevluchte slaven) vallen soms de plantages aan: om de plantagehouders te schaden, om goederen te stelen voor hun levensonderhoud, en vaak ook om te proberen ook andere slaven te bevrijden. Taal is daarbij belangrijk, want de ontsnapte slaven moeten de slaven die nog op de plantage wonen overtuigen om met hen mee te gaan. Soms lukt het om mensen mee te krijgen.

Welke taal spreken de Marrons?

marrons ca 1865Marrons op een prent uit rond 1865.

Marrons bouwen dorpen diep in het oerwoud om het zo moeilijk mogelijk te maken voor de Europeanen om hen te vinden. Deze groepen gevluchte Afrikanen ontwikkelen eigen talen. Sommige hiervan worden nog steeds in Suriname gesproken. Het Saramaccaans is hier een goed voorbeeld van. Net als het Sranan is het gebaseerd op verschillende talen. Er komt ook veel Engels in voor. In deze taal worden meer Afrikaanse woorden gebruikt dan in het Sranan. Dat komt waarschijnlijk omdat de gevluchte Afrikanen minder contact met Europeanen hebben.

Hoe gaat het nu met het Sranantongo?

Mattie betekent eigenlijk mede-slaaf

Nog steeds is het Sranan een belangrijke taal in Suriname. Sinds het ontstaan is er nog veel veranderd aan de taal. Er zijn allerlei nieuwe woorden bijgekomen en het Nederlands heeft er een grote invloed op gekregen. Het Sranan is vooral een taal die gesproken wordt, hoewel er nu wel officiële regels zijn voor hoe het Sranan moet worden geschreven. In Nederland gebruiken jongeren tegenwoordig woorden uit het Sranantongo in hun straattaal. Het woord ‘mattie’ bijvoorbeeld gebruiken we nu voor ‘vriend’, maar oorspronkelijk is het het woord dat slaven in Suriname gebruikten voor hun mede-slaven.

Tools voor je werkstuk

Voor je begint met een werkstuk heb je materiaal nodig. Bijvoorbeeld een onderzoeksvraag. Hiernaast vind je handige tools om je werkstuk, scriptie of essay mee te starten.

Onderzoeksvraag:

Het tweede couplet van het Surinaamse volkslied is in het Sranan. Zoek uit wanneer en hoe het volkslied is ontstaan en beschrijf welke woorden in het volkslied nog aan het Engels doen denken. Herken je er ook nog andere talen in?

Interessante links:

Meer lezen?

  • Alex van Stipriaan, Surinaams contrast. Roofbouw en overleven in een Caraïbische plantagekolonie 1750-1863, 1993.
  • Frank Dragtenstein, ‘De ondraaglijke stoutheid der wegloopers’. Marronage en koloniaal beleid in Suriname 1667-1768, 2002.
  • Michaël Ietswaart en Vinije Haboo, Sranantongo. Surinaams voor reizigers en thuisblijvers, 2012.
  • John Thornton, Africa and Africans and the making of the Atlantic world 1400-1680, 1992.
  • Jacques Arends en Matthias Perl, Early Suriname creole texts. A collection of 18th century Sranan and Saramaccan documents, 1995.

Lees andere verhalen

Er komt een Doe!

Soms is de bespotting zo erg dat je vloekend en met gebogen hoofd het feest verlaat...
Cultuur in slavernij

Koopman in slaven

Naast slaven kopen is Bosman ook betrokken bij de illegale goudhandel...
Afrikaanse kust

De opbrengst

Hoeveel geld hebben Nederlanders aan de slavernij en de slavenhandel verdiend?
Driehoekshandel
Je hebt
num
van de total
quizvragen beantwoord