Leven op de plantage

Leven in slavernij
anno
1849

Een liefdesverhaal

Het is 1849. Op koffieplantage Hazard aan de rivier de Nickerie woont en werkt Adonis. Wanneer de werkdag er tegen het begin van de avond op zit, loopt hij naar de suikerplantage Paradise om daar de nacht door te brengen bij zijn lief Afrika. Maar al lang voor het licht wordt, staat hij alweer op en begint aan de terugweg. Rond vijf uur in de ochtend begint op Hazard het werk op het veld namelijk weer. Zo gaat het elke nacht.

De directeur van Hazard wil dat er een eind komt aan dat heen en weer geloop. Hij eist dat Adonis lange werkdagen maakt en zegt tegen hem dat hij maar een vrouw op de koffieplantage moet zoeken. Adonis vertelt Afrika dat hij haar niet meer mag zien en daarmee lijkt de relatie afgelopen. Afrika krijgt wat met Willem, een timmerman die tijdelijk op Paradise werkt.

Hoe ging het verder met Adonis en Afrika?

Toch heeft Adonis nog steeds problemen met de directeur van Hazard. Die is zo ontevreden over zijn werk en dat van twee andere slaven, John Bull en Pierre, dat hij de basya (de toezichthouder) opdracht geeft hen de hele week ’s nachts op te sluiten. Zij moeten in de ‘boeikamer’ blijven met een been vastgemaakt aan een blok. Op een van die nachten heeft Adonis een brandend stuk hout bij zich om zichzelf bij te lichten. Wat er daarna is gebeurd, wil of kan niemand vertellen, maar Adonis ontsnapt. Heeft de basya hem niet goed vastgezet? Tenslotte werkt de basya wel voor de directeur, maar tegelijkertijd is hij zelf ook een slaaf. Hij moet soms schipperen om zijn gezag te handhaven en met de anderen te kunnen samenleven op de plantage. Ook John Bull en Pierre zeggen dat het vertrek van Adonis hen niet is opgevallen.

Adonis wordt gepakt en gestraft met zweepslagen

Op Paradise hebben ze Adonis wel gezien. Hij is er naartoe gegaan omdat hij Afrika weer wil zien. Zo’n vier weken hebben de twee elkaar niet gesproken. De relatie leek voorbij, maar daar denkt Adonis nu anders over. Hij is woedend als hij timmerman Willem in haar huis aantreft. Buiten het huis raken de twee in gevecht. Plotseling haalt Adonis een knipmes tevoorschijn, opent het met zijn mond en steekt Willem meerdere keren. Daarna verdwijnt hij. Willems wonden worden verzorgd, maar na een paar weken gaat hij toch dood. Adonis wordt gepakt en gestraft met zweepslagen. Ook krijgt hij als straf een jaar dwangarbeid op een overheidsplantage.

Wat vertelt dit verhaal nog meer?

Het verhaal van Adonis is uitzonderlijk. Maar juist daarom is er veel over opgeschreven in verslagen van politie en justitie. De slaven die toen als getuigen gehoord zijn, vertellen ook veel over het gewone leven en werken op de plantages. Zij leren niet schrijven en er wordt verder niet naar hun verhalen gevraagd, dus ze hebben geen andere getuigenissen nagelaten.

Hoe werken de mensen op een koffieplantage?

benoit veldslaven op weg naar werk

Veldslaven op weg naar het werk. Tekening van P.J. Benoit uit zijn boek “Voyage à Surinam” (1839).

Op een koffieplantage planten de slaven koffiebomen en wieden ze de velden. Twee keer per jaar oogsten ze. Met de hand plukken ze de bessen en verzamelen die in een mand. Ze dragen de manden naar de loods en bewerken de bessen daar verder. Tot ’s avonds laat worden de bessen geweekt, gemalen en over een rooster gehaald totdat de bonen vrijkomen. Daarna worden de bonen geweekt. Dagenlang gaat het drogen, stampen en selecteren van de koffiebonen door.

Hoe werken de mensen op een suikerplantage?

suikermolen bray

Het persen van het suikerriet in de molen was gevaarlijk werk.

Tekening van Théodore Bray uit circa 1850.

Op een suikerplantage is het werk nog zwaarder dan op een koffieplantage. Suiker is het belangrijkste exportproduct van de kolonie Suriname, ook al brengt het in de negentiende eeuw lang niet meer zoveel op als een eeuw daarvoor, als de productie op zijn hoogtepunt is. Tegen zonsopgang trekken de mannen en vrouwen naar het veld om riet te planten, te wieden of te oogsten. Met een houwer (kapmes) kappen ze het rijpe riet en hakken het in stukken. Ze binden het gekapte riet samen en dragen het op het hoofd naar de waterkant. Daar wordt het suikerriet in schuiten geladen en door de kanalen naar de loods vervoerd. Daar persen de mannen de rietstengels tussen grote rollers en koken het geperste sap. Het kappen, persen en koken is niet alleen zwaar, maar ook gevaarlijk werk. De mannen gieten de stroperige massa in vaten om uit te lekken en in te dikken. In diezelfde vaten wordt de suiker verscheept en naar de Europese markten gebracht.

Hoe werken de mensen op een katoenplantage?

katoenplantage zeezicht RM buku

Katoenplantage Zeezicht, in miniatuur nagebouwd door Gerrit Schouten (collectie Rijksmuseum).

Het werk op een katoenplantage lijkt op dat op een koffieplantage: planten, wieden, snoeien, oogsten. Na de pluk wordt de katoen bewerkt en klaargemaakt voor de export. Maar katoenteelt komt in Suriname niet veel voor. Alleen in de eerste decennia van de negentiende eeuw wordt er in het westen redelijk wat katoen verbouwd.

Hoe werken de mensen op een houtplantage?

Echt anders gaat het eraan toe op de houtplantages. Daar kappen de slaven bomen in het bos en zagen ze er planken van. Het is zwaar werk, maar het geeft relatief veel vrijheid omdat in het bos nauwelijks toezicht is.

Quizvraag

Deze vragen zijn verstopt in de site! Vind ze allemaal!
Sleep om te ontsleutelen

Is er verschil tussen mannen- en vrouwenwerk?

Mannen en vrouwen doen in het veld voor het grootste deel hetzelfde werk. Bij de verwerking van de producten zijn de taken meer verdeeld. Mannen doen zware en gevaarlijke klussen, zoals het koken van de geperste suiker, vrouwen hebben soms specifieke taken als het bewerken van de geplukte katoen. Mannen krijgen ook de meer prestigieuze taken, zoals die van basya of bastiaan: de toezichthouder over de andere slaven die ook straffen moet uitvoeren als de directeur hem dat opdraagt. Een bijzondere positie hebben slaven met een ambacht, zoals timmerman, al wordt zulk werk ook wel door vrije mannen gedaan die wonen waar werk is. Alleen vrouwen worden huishoudster, ziekenverzorgster of vroedvrouw.

kletsende slavinnen benoit

Tekening van P.J. Benoit uit zijn boek “Voyage à Surinam” (1839).

Moeders nemen hun baby’s mee naar het veld. Ze dragen ze op hun rug in een doek die ze om zich heen wikkelen. Het valt moeilijk te achterhalen hoeveel maanden een baby bij de moeder blijft en borstvoeding krijgt. De berichten lopen uiteen van zes weken tot een jaar. De regels hiervoor veranderen ook in de loop van de tijd en we weten bovendien niet of planters zich daar in drukke tijden altijd aan houden.

Het grootste deel van hun jeugd brengen de kinderen met elkaar door. Soms houden grootouders een oogje in het zeil of worden ze naar de creolenmoeder gebracht: een vrouw die niet (meer) op het veld werkt en op de kinderen past, hen te eten geeft en hen bijbrengt hoe zij zich tegenover de directeur moeten gedragen.

Wat doen de slaven in hun vrije tijd?

De meeste slaven zorgen in hun vrije tijd voor extra eten om het eenzijdige voedsel dat de planters verplicht uitdelen, aan te vullen. Wat en hoeveel ze van de plantagehouders krijgen, is in regels vastgelegd: bananen, rijst, bonen en soms wat gezouten vis. De slaven houden zelf kippen, jagen, vangen vis en krabben en verbouwen allerlei gewassen op hun kostgronden. Als er meer dan genoeg is om zelf van te leven, verkopen zij wat over is op lokale markten.

Wat zulk werk de slaven oplevert, daarover lopen de meningen uiteen. Dat ze deels voor hun eigen eten zorgen, geeft hen een zekere mate van zelfstandigheid en de kans wat geld te verdienen door wat over blijft te verkopen. Anderzijds kunnen ze hier niet veel tijd aan besteden omdat ze zo veel voor de plantagehouder moeten werken. Wie op een afgelegen plantage werkt, heeft bovendien weinig mogelijkheden om te verkopen. Op de geïsoleerde houtgronden zorgen de mensen grotendeels voor hun eigen onderhoud. Dat werk vergt zelfstandigheid en dat geldt ook voor de voedselvoorziening.

benoit vrije tijd buku

Tekening van P.J. Benoit uit zijn boek “Voyage à Surinam” (1839).

Natuurlijk gebruiken de mannen en vrouwen niet al hun spaarzame vrije uren om op kostgronden te werken of handel te drijven. Ze brengen ook tijd met elkaar door. Soms vieren ze feest, maken ze muziek en dansen ze. Een deel van de mensen gaat naar de kerk van de Evangelische Broeder Gemeente, sommigen zijn katholiek en velen geloven in de Afro-Amerikaanse winti-religie. Winti is de religieuze wereld van Afro-Surinamers rond goden, geesten en magisch-religieuze praktijken. Dat is het deel van het leven waarop de planter minder invloed heeft – al probeert hij dat soms wel door de mensen aan te moedigen zich tot het christendom te bekeren.

Verzetten slaven zich ook?

Slaven schikken zich lang niet altijd in hun bestaan van gedwongen arbeid. Op allerlei manieren is er altijd verzet geweest. Weglopen, opstand en werkweigering zijn de meest radicale vormen. Maar er zijn ook minder heftige manieren om dwars te liggen: bijvoorbeeld door wat langzamer of slordiger te werken, of door te doen alsof je ziek bent.

Tools voor je werkstuk

Voor je begint met een werkstuk heb je materiaal nodig. Bijvoorbeeld een boeiende opdracht. Hiernaast vind je handige tools om je werkstuk, scriptie of essay mee te starten.

Onderzoeksvraag:

Zoek uit het werk van de huisslaven eruit zag, de slaven die in het huis van de meester werkten. Hoe zag de plantagewoning er uit, hoeveel personeel werkt er, wat moeten de slaven er allemaal doen?

Interessante links:

Meer lezen?

  • Alex van Stipriaan, Surinaams contrast, 1993.
  • Ellen Klinkers, Op hoop van vrijheid. Van slavensamenleving naar Creoolse gemeenschap in Suriname 1830-1880, 1997.
  • Aspha Bijnaar (red.), Kind aan de ketting. Opgroeien in slavernij toen en nu, 2010.

Lees andere verhalen

Er komt een Doe!

Soms is de bespotting zo erg dat je vloekend en met gebogen hoofd het feest verlaat...
Cultuur in slavernij

de Jonge Ruijter

Slaven gingen aan boord van dit schip en zo begon hun afschuwelijke reis
Driehoekshandel

Skeletten van slaven

Het verhaal achter de botten die gevonden zijn op het strand van Matapica in Suriname.
De erfenis nu
Je hebt
num
van de total
quizvragen beantwoord